Welke voordelen hebben tubeless banden?

Tubeless banden bieden duidelijke voordelen als het gaat om snelheid, comfort, grip en lekbestendigheid. Er wordt veel onnodige wrijving tussen band en binnenband vermeden. Daardoor is de rolweerstand nog lager dan bij superlichte wedstrijdbanden. Tubeless banden kan men zonder afbreuk aan de prestaties met een geringere luchtdruk berijden. Dit genereert significante voordelen betreffende het comfort, maar geeft ook beduidend meer controle in kritische situaties en op slecht wegdek. Tegelijkertijd bieden tubeless systemen een zeer hoge lekbestendigheid. Het gevaar van een stootlek is beduidend minder. Plotseling luchtverlies door een klapband of ventielafscheuring is uitgesloten.
Daarbij functioneren tubeless systemen zeer goed in combinatie met een vloeibare lekbescherming. Een lek wordt dan binnen een tiende van een seconde weer afgedicht.

Meer informatie

Wat heb je nodig om een band zonder binnenband te monteren?
  • ■ Schwalbe tubeless banden
  • ■ Luchtdichte tubeless wielen (of voor tubeless geschikte wielen en tubeless velglint)
  • ■ Het bijbehorende ventiel
  • ■ Vloeibare lekbescherming (bv. Schwalbe Doc Blue)
  • ■ Montagevloeistof (bv. Schwalbe Easy Fit)
  • ■ Een baanpomp met manometer
  • ■ Een schone doek

 

U moet vertrouwd zijn met het speciale montageproces, of de montage aan een vakman overlaten.

Waar moet je bij de montage op letten?

De banden zoals gebruikelijk op de velg monteren. Gebruik van bandenlichters moet zoveel mogelijk beperkt worden. Belangrijk: voor het oppompen beide bandhielen met montagevloeistof insmeren (1). Het ventiel moet zich tijdens het oppompen tussen de hielen bevinden (2). Voor het oppompen is een krachtige luchtstoot nodig (baanpomp of compressor) (3). De band plaatst zich hoorbaar in de velg. Met behulp van de centreerlijn de juiste passing van de band controleren (4).

Daarna de lucht weer laten ontsnappen. Het ventielinzetstuk verwijderen (een ventielsleutel wordt bij Schwalbe Doc Blue meegeleverd) en 60 ml Doc Blue vloeibare lekbescherming inbrengen (5). Bij racebanden volstaat 30 ml.

 

De maximale luchtdruk indicatie van de banden en de velg mogen beslist niet overschreden worden!

 

Voor het oppompen geen CO2 patroon gebruiken. De CO2 heeft een ongunstige invloed op de vloeibare lekbescherming.

 

In het algemeen is voorzichtigheid geboden bij het gebruik van een vloeibare lekbescherming. Er ontstaan gemakkelijk blijvende vlekken op (be)kleding of montagegereedschappen.

 

 

Moet ik de vloeibare lekbescherming via het ventiel inbrengen?

Nee, u kunt de vloeibare lekbescherming ook direct in de band gieten voordat u de tweede bandhiel gaat monteren. Het later vullen via het ventiel heeft het voordeel dat men „schoner“ kan werken omdat de melk pas gebruikt wordt als de band al in de velg geplaatst is. Juist bij een nieuwe band/velgcombinatie waarvan men nog niet weet of de montage probleemloos verloopt, is dit zeer aangenaam.

Bij bekende combinaties gaat het directe vullen natuurlijk sneller. Als u een ventiel zonder verwisselbaar inzetstuk gebruikt, dan is het vullen via het ventiel helemaal niet mogelijk.

Waarom heb je een vloeibare lekbescherming nodig?

Goede tubeless banden functioneren ook zonder vloeibare lekbescherming. Wij bevelen het gebruik echter aan, omdat juist deze combinatie van tubeless banden en Doc Blue vloeibare lekbescherming zekerheid tegen lekrijden garandeert. De
vloeistof heeft geen negatieve invloed op de rolweerstand.

Tubeless Easy banden hebben geen absoluut dichte butyllaag. Hier is Doc Blue nodig om een langdurige luchtdichtheid te garanderen.

Waar kan het aan liggen als een band zich niet laat oppompen?

Gebruik een montagevloeistof! Deze vloeistof zorgt voor een gladde laag tussen de band en de velg en is zeer nuttig bij de montage. In uiterste gevallen kan men zich met zeepwater behelpen.

Beide hielen van de band moeten zich naast het ventiel bevinden.

Bij de eerste keer oppompen kan het ook zeer behulpzaam zijn om het ventielinzetstuk te verwijderen om de luchttoevoer te vergroten.

In zeer hardnekkige gevallen in plaats van de baanpomp een compressor gebruiken.

Wat kan er verder nog mis gaan?

Er kan natuurlijk ook lekkage bij het ventiel of rond de velg ontstaan. Om deze te lokaliseren moet het wiel compleet onder water gehouden worden. De lucht ontsnapt dan bij het ventiel en/of bij de velg. Het kan even duren voordat dit gebeurt, omdat de druk in de holkamer van de velg zich eerst moet opbouwen. Vaak ligt het probleem rond het ventiel. Mogelijke remedies: ventielmoer strakker aandraaien, contactgebied van het ventiel met de velg schoonmaken en ontbramen, het ventiel verwisselen. Als dit alles geen resultaat opleverd, dan kan eventueel een defect aan de rand van de velg of een scheur in het velgbed de oorzaak van de lekkage zijn.

Kan je van een normaal wiel een tubeless wiel maken?

Met het tubeless-velglint en een tubeless ventiel van Schwalbe is het mogelijk om normale wielen af te dichten en op de tubeless inzet voor te bereiden. Hierdoor is het niet meer beslist noodzakelijk om voor de conversie in nieuwe, dure wielen te investeren.

Het Schwalbe tubeless velglint is absoluut hogedruk- en hittebestendig. Één laag velglint is voldoende, ook bij de racefiets. Het Schwalbe tubeless velglint is er in 6 verschillende breedtes van 19 tot 29 mm.

Het tubeless ventiel bestaat uit aluminium en is zeer licht. De konische ventielvoet functioneert zeer universeel en past in vrijwel alle velgen. De ventielvoet is met metaal versterkt waardoor hij niet per ongeluk in het velggat gedrukt kan worden. De ventielmoer is met een verdraaibeveiliging uitgerust, waardoor het ventiel niet opeens gedurende de rit los kan gaan. Om de tubeless conversie ook voor aerovelgen te laten functioneren hebben wij ook ventielverlengers met schroefdraad in ons assortiment.

Schwalbe tubeless velglint en tubeless ventiel. Hiermee is het niet meer noodzakelijk om voor de conversie in nieuwe, dure wielen te investeren.

Welke wielen zijn geschikt voor de conversie?

files/schwalbe/userupload/Images/FAQ/FAQ Detailseite/ausrufezeichen.jpgAlleen wielen gebruiken die door de producent uitdrukkelijk voor een tubeless conversie vrijgegeven zijn.

Vooral bij het hogedruk systeem bij de racefiets is dit zeer belangrijk. Zo is gegarandeerd dat de velg de bijzondere belastingen van het tubeless gebruik aan kan en de band betrouwbaar op de velg past. De complete Spline® serie van DT Swiss bv. is voor de tubeless conversie getest en vrijgegeven.

Vaak is een conversie bij zeer smalle velgen (13C), bij goedkopere niet gelaste velgen of bij dubbel gebuste velgen niet mogelijk. In deze gevallen lukt het meestal niet om de velgen met het velglint luchtdicht te maken.

In het algemeen moet men voorzichtig zijn met velgen die een minimale flankhoogte (duidelijk onder de  ETRTO standaard) hebben, zoals b.v. Alpha van No Tubes. Deze velgen worden dan wel steeds geliefder omdat ze erg licht zijn, maar de betrouwbaarheid als het om het afspringen van de band gaat is gereduceerd. Zoals gewoonlijk, bouwen wij juist als het gaat om de betrouwbaarheid betreffende het afspringen van de band, een zeer grote veiligheidsbuffer in. Per slot van rekening moet de band ook nog betrouwbaar passen als veel ongunstige factoren samenkomen (toleranties in de velg, toleranties in de band, toleranties in de manometer, fout gebruik, dynamische belasting, …). De veiligheidsbuffer is bij zulke velgen met een minimale flankhoogte in ieder geval beduidend lager.

Waar moet je bij de tubeless conversie op letten?

Het velgbed moet beslist schoon en glad zijn. Zijn er oude lijm- en vetresten dan met een remmenreiniger verwijderen.

Alle spaakgaten moeten goed door het velglint afgedekt zijn. Het is het beste als het velglint het totale velgbed afdekt. Meestal past het velglint goed als het 2-4 mm breder is dan de velgbedbreedte van de velg.

Het velglint door krachtig aandrukken aanbrengen, zodat er geen luchtbellen ontstaan. Laat aan het eind van het lint ca. 5-10 cm overlappen. Wij adviseren om deze overlapping niet in het ventielbereik te situeren.

Het tubeless ventiel kunt u heel eenvoudig in gesloten toestand met de punt door het velglint drukken.

Hoewel bij racefietsers niet populair, voor tubeless gebruik is in ieder geval een ventielmoer noodzakelijk, om het ventiel betrouwbaar in de velg te fixeren. De ventielmoer van het Schwalbe tubeless ventiel heeft een geintegreerde
verdraaizekering. Hierdoor draait ze misschien wat stroef, maar het ongewild, plotseling losgaan van het ventiel tijdens de rit wordt daardoor effectief voorkomen.

Het oppompen met een baanpomp is bij geconverteerde velgen vaak niet mogelijk. U moet ervan uitgaan, dat u bij de eerste montage van de band een compressor nodig heeft.

Hoe vaak moet de vloeibare lekbescherming worden vervangen of vernieuwd?

Navullen van de vloeibare lekbescherming is alleen nodig om de bescherming tegen lekrijden te behouden. Schwalbe Doc Blue blijft ca. 2-7 maanden of ca. 2.000 km als preventieve lekbescherming in de band actief. Daarna droogt het op tot een rubberfilm of valt uiteen in aparte bestanddelen (“latexkristallen“ en vloeistof).

Met een naald kan men eenvoudig testen of de vloeibare lekbescherming nog functioneert. Simpelweg in het loopvlak steken en het wiel laten draaien. Als het gaatje niet automatisch afgedicht wordt, moet de vloeibare lekbescherming nagevuld worden. Het „testgaatje“ wordt dan door de nieuwe vloeibare lekbescherming gerepareerd.

Wat doe je bij een lekke band?

Tijdens het rijden wordt een lek automatisch door Doc Blue afgedicht en zo gerepareerd. Alleen bij zeer grote beschadigingen zoals insnijdingen of snakebites helpt de vloeibare lekbescherming niet. In dit geval is een vervangende binnenband de beste oplossing. Hiervoor het tubeless ventiel en de vloeibare lekbescherming verwijderen.

Gebruik de tirebooster juist.

Gebruikshandleiding & veiligheidsinformatie
De TIRE BOOSTER helpt je bij tubeless montage. Alles wat je nodig hebt is de juiste tubeless equipment en een hoge druk fi etspomp met een adapter voor Frans ventiel.

Handleiding:
1 Reinig de band en de velg voordat je met de montage begint. 2 Monteer de band op de velg zoals gebruikelijk. Voor het oppompen beide bandhielen insmeren met montagevloeistof. Het ventiel moet zich tijdens het oppompen tussen de beide hielen bevinden.  3 Draai het luchtventiel van de TIRE BOOSTER dicht. 4 Plaats de kop van de pomp van de TIRE BOOSTER op het fi etsventiel. Met de adapter kun je de luchtstroom in de band versterken. Hiervoor het ventielinzetstuk verwijderen, de adapter op de kop van de pomp schroeven en deze samen op het fi etsventiel draaien. 5 Pomp de TIRE BOOSTER op met je fi etspomp (max. 11 Bar/ 160 PSI). 6 Open het luchtventiel. De band schuift hoorbaar over de velg in positie. 7 Controleer of de band op de juiste positie in de velgrand zit. Als het nodig is bij te pompen dan kan dit gedaan worden via de TIRE BOOSTER (het luchtventiel moet hiervoor open staan). 8 Verwijder de kop van de pomp. Doe indien gewenst lekbeschermingsvloeistof in de band (bijvoorbeeld Doc Blue Professional) en pomp de band opnieuw op.

 

 

  • Overschrijdt niet de maximale luchtdruk van de band en de velg.
  • Overschrijdt niet de maximale luchtdruk van de TIRE BOOSTER: 11 Bar/160 PSI.
  • Vul de fl es nooit met een compressor.
  • Gebruik geen defecte fl es, band of velg.
  • Laat de luchtdruk niet ontsnappen in de buurt van ogen of gezicht.
  • Voor het openen van het luchtventiel: controleer of de kop van de pomp correct op het fi etsventiel is geplaatst.
  • Bescherm de fl es tegen direct zonlicht. Vermijdt temperaturen van onder -15°C en boven +50°C.
  • Bewaar de TIRE BOOSTER alleen met een geopend luchtventiel.